Zwem-ABC

diploma2.jpg De eerste reeks zwemlessen
Bij het Zwem-ABC wordt in het begin veel aandacht besteed aan het watervrij maken van kinderen. Dit is een hele belangrijke periode. Hierin wordt de basis gelegd voor het leren zwemmen. Kinderen leren lopen in het water, spetteren, te water gaan en er uit klimmen, draaien van borst naar rug naar borst, onder water gaan, onder water kijken en zoeken. Deze zaken zorgen ervoor dat kinderen het water leren kennen en zich er prettig in gaan voelen.

Veel oefeningen worden in spelvorm aangeboden, omdat dat voor jonge kinderen de beste manier is om iets te leren. Denk dus niet dat het kind alleen maar speelt in het water, ieder spel heeft een bedoeling! Als een kind kan drijven op borst en rug, is het tijd voor de volgende fase: de zwemslagen.

Zwemslagen en nog meer vaardigheden
Bij het Zwem-ABC leren kinderen vanaf het begin vier zwemslagen: enkelvoudige rugslag, schoolslag, borstcrawl en rugcrawl. Deze laatste twee zijn kennismakingsslagen en worden bij ieder diploma wat moeilijker. Behalve aan de zwemslagen wordt ook aandacht besteed aan allerlei oefeningen in diep water, zoals verschillende manieren van in het water gaan, onder water zwemmen, klimmen en klauteren op een vlot en de kant en naar de bodem gaan.

Zwemveiligheid
Bij het Zwem-ABC ligt een belangrijk accent op het veilig zijn in het water. Al vanaf de eerste zwemlessen wordt hieraan aandacht besteed. Er wordt geoefend met vallen en opstaan, in het water springen en uit het water klimmen. Ook met kleren aan in het water zijn komt regelmatig tijdens de lessen aan de orde.

Eisen voor het Zwem-ABC
Sinds oktober 1998 gaat iedereen die leert zwemmen in opleiding voor het Zwem-ABC. Wie alle 3 diploma's (A, B en C) bezit krijgt het predikaat Zwemveilig. Het Zwem-ABC staat voor een kindvriendelijke manier van leren zwemmen, waarbij zwemveiligheid een prominente rol inneemt en biedt alle vaardigheden iedereen tegenwoordig nodig heeft bij het zwemmen in subtropische zwemparadijzen en bij activiteiten op, in en aan het buitenwater. Het Zwem-ABC kent een logische opbouw, waardoor leerlingen bij het behalen van ieder diploma vaardiger en veiliger worden. Niet de zwemslagen staan centraal, maar het veilig en vrij bewegen in het water onder alle omstandigheden.

Zwem-ABC, onderdeel A
Dit is het eerste deel van het gehele pakket. Centraal staat het vrij en onbevreesd in het water kunnen zijn. Hier wordt de basis gelegd voor de zwemslagen.
De eisen:

1. Gekleed zwemmen
  • Van een startblok of 1 -meter springplank te water gaan met een voetsprong voorwaarts (helemaal onder water gaan), na het boven komen aansluitend
  • 15 seconden watertrappen met gebruik van armen en benen, gevolgd door
  • 12,5 meter schoolslag, onder een lijn door duiken, 1/2 draai om de lengte-as en
  • 12,5 meter rugslag (armen mogen actief worden gebruikt), proef afronden met
  • zelfstandig (eventueel via trapje) uit het water op de kant klimmen.
2. In zwemkleding
  • Van de kant of startblok te water gaan met een sprong (een kopsprong heeft de voorkeur), direct gevolgd door (zonder boven te komen)
  • onder water ori??nteren en onder water zwemmen door een gat in een verticaal in het water hangend zeil dat zich op 3 meter van de (start-)kant bevindt, na het boven komen, aansluitend
  • 50 meter schoolslag, proef afmaken met
  • 50 meter enkelvoudige rugslag (armen passief).
3. Overige opdrachten (in zwemkleding)
  • Naar keuze te water gaan van de kant met kopsprong of in het water afzetten van de wand, direct gevolgd door 10 seconden uitdrijven op de borst, aansluitend enkele meters schoolslag, waarna 5 seconden drijven op de borst, waarna enkele meters schoolslag.
  • Afzetten van de wand en 10 seconden uitdrijven op de rug, waarna enkele meters enkelvoudige rugslag, daarna 10 seconden drijven op de rug, proef afmaken met enkele meters enkelvoudige rugslag.
  • Van de kant of startblok te water gaan met een sprong (een kopsprong heeft de voorkeur), aansluitend 8 meter beginners-borstcrawl.
  • In het water, afzetten van de wand, aansluitend 8 meter beginners-rugcrawl.
  • Van de kant te water gaan met een sprong naar keuze, gevolgd door 60 Seconden watertrappen met gebruik van armen en benen, waarin tevens 2 keer, al watertrappend, een hele draai om de lengte-as voor komt.
Kledingeisen zwem-ABC, deel A
  • badkleding
  • T-shirt, hemd of blouse met korte mouwen, korte broek (d.w.z. broekje met pijpen; broekjes die naadloos aansluiten op de huid zijn niet toegestaan)
  • schoenen (plastic, leren en sportschoenen zijn toegestaan; schoenen zonder echte zool zijn niet toegestaan)
Het is toegestaan dat kandidaten i.p.v. broek/blouse een jurk of rok/blouse dragen. De jurk/rok moet tot over de knie reiken.   

Zwem-ABC, onderdeel B
In deel B worden de beginnende vaardigheden verder ontwikkeld en de conditie verbeterd.
De eisen:

1. Gekleed zwemmen
  • Van een startblok of 1-meter springplank te water gaan met een voetsprong voorwaarts (helemaal onder water gaan), onder water (minimaal) een halve draai om de lengte-as maken, na het boven komen, aansluitend
  • 30 seconden watertrappen met gebruik van armen en benen, gevolgd door
  • 25 meter schoolslag, onderbroken door 1 keer onder een vlot door zwemmen en 1 keer hele draai om de lengte-as en
  • 25 meter enkelvoudige rugslag (armen mogen actief worden gebruikt), proef afronden met
  • bij voorkeur zelfstandig (niet via trapje) uit het water op de kant klimmen.
2. In zwemkleding
  • Van de kant of startblok te water gaan met een kopsprong, direct gevolgd door (zonder boven te komen)
  • onder water ori??nteren en onder water zwemmen door een gat in een verticaal in het water hangend zeil dat zich op 6 meter van de (start-)kant bevindt, na het boven komen, aansluitend
  • 75 meter schoolslag, onderbroken door 3 keer voetwaarts richting de bodem te zakken met gestrekte armen boven het hoofd, tot de vingertoppen onder water zijn, proef afmaken met
  • 75 meter enkelvoudige rugslag (armen passief).
3. Overige opdrachten (in zwemkleding)
  • Naar keuze te water gaan van de kant met kopsprong of in het water afzetten van de wand, direct gevolgd door 10 seconden uitdrijven op de borst, aansluitend enkele meters schoolslag, waarna 7 seconden drijven op de borst, waarna enkele meters schoolslag,
  • Afzetten van de wand en 10 seconden uitdrijven op de rug, waarna Enkele meters enkelvoudige rugslag, daarna 15 seconden drijven op de rug, proef afmaken met enkele meters enkelvoudige rugslag.
  • Van de kant of startblok te water gaan met een kopsprong, aansluitend 10 meter borstcrawl.
  • In het water, afzetten van de wand, aansluitend 10 meter rugcrawl.
  • Van de kant te water gaan met een sprong naar keuze, gevolgd door 30 seconden watertrappen met gebruik van armen en benen,aansluitend 30 seconden watertrappen met de benen, armen passief (in de zij).
Kledingeisen zwem-ABC, deel B
  • badkleding
  • T-shirt, hemd of blouse met lange mouwen
  • lange broek (lange broeken die naadloos aansluiten op de huid zijn niet toegestaan)
  • schoenen (plastic, leren en sportschoenen zijn toegestaan; schoenen zonder echte zool zijn niet toegestaan)
Het is toegestaan dat kandidaten i.p.v. broek/blouse een jurk met lange mouwen of rok/blouse met lange mouwen dragen. De jurk/rok moet tot over de knie reiken.

Zwem-ABC, onderdeel C
Met dit deel, waarin opnieuw wordt voortgeborduurd op de aangeleerde vaardigheden wordt het zwem-ABC afgesloten.
De eisen:

1. Gekleed zwemmen
  • Van de kant of van een startblok te water gaan met een rol voorover (uitgangshouding vrij), aansluitend
  • 30 seconden watertrappen met gebruik van armen en benen en 30 seconden blijven drijven (HELP-houding) met gebruik van hulpmiddel (bal of lesplank), gevolgd door
  • 50 meter schoolslag, onderbroken door 1 keer onder een vlot door zwemmen en 1 keer over een vlot heen klimmen en
  • 50 meter enkelvoudige rugslag (armen mogen actief worden gebruikt), proef afmaken door
  • bij voorkeur zelfstandig uit het water (niet via trapje) op de kant klimmen.
2. In zwemkleding
  • Van de kant of startblok te water gaan met een kopsprong, direct gevolgd door (zonder boven te komen)
  • onder water ori??nteren en onder water zwemmen door een gat in een verticaal in het water hangend zeil dat zich op 9 meter van de (start-)kant bevindt, na het boven komen, aansluitend
  • 125 meter schoolslag, onderbroken door 2 keer een koprol voorover en 2 keer hoofdwaarts recht naar beneden richting de bodem duiken, met de benen gestrekt naar boven, tot de benen helemaal onder water zijn, proef afmaken met
  • 100 meter enkelvoudige rugslag (armen passief).
3. Overige opdrachten (in zwemkleding)
  • Naar keuze te water gaan van de kant met kopsprong of in het water afzetten van de kant, direct gevolgd door 10 seconden uitdrijven op de borst, aansluitend enkele meters schoolslag, waarna 10 seconden drijven op de borst, waarna enkele meters schoolslag.
  • Afzetten van de wand en 10 seconden uitdrijven op de rug, waarna enkele meters enkelvoudige rugslag, daarna 20 seconden drijven op de rug, aansluitend enkele meters enkelvoudige rugslag, gevolgd door 5 meter wrikken in de richting van het hoofd, proef afmaken met enkele slagen enkelvoudige rugslag.
  • Van de kant of startblok te water gaan met een kopsprong (startsprong heeft de voorkeur), aansluitend 15 meter borstcrawl.
  • In het water, afzetten van de wand, aansluitend 15 meter rugcrawl. De proeven 5 en 6 mogen worden gekoppeld.
  • Van de kant te water gaan met een hurksprong, gevolgd door 30 seconden watertrappen met verplaatsen in meerdere richtingen, met gebruik van armen en benen, en 30 seconden (verticaal) blijven drijven met gebruik van armen (benen passief).
Kledingeisen zwem-ABC, deel C
  • badkleding
  • T-shirt, hemd of blouse met lange mouwen
  • lange broek (lange broeken die naadloos aansluiten op de huid zijn niet toegestaan)regen/windjack (bedoeld wordt een jack met lange mouwen, dat vaak is vervaardigd van een soort nylon)
  • schoenen (plastic, leren en sportschoenen zijn toegestaan; schoenen zonder echte zool zijn niet toegestaan)
Het is toegestaan dat kandidaten i.p.v. broek/blouse een jurk met lange mouwen of rok/blouse met lange mouwen dragen. De jurk/rok moet tot over de knie reiken.

Blijven zwemmen
Een kind dat zwemdiploma C heeft gehaald, heeft een paspoort voor een leven lang zwem- en waterplezier. Maar het is raadzaam om regelmatig te blijven zwemmen na het halen van het Zwem-ABC. Kinderen in de groei die hun geoefendheid niet op peil houden, lopen gevaar dat de opgedane vaardigheden in het water verminderen of zelfs verloren gaan. Daarnaast id natuurlij ook er gleuk om te blijven zwemmen
Wilt u graag dat uw kind nog zwemvaardiger wordt of een vorm van watersport gaat beoefenen? dan kunt u bij de Watervrienden ook door voor de zwemvaardigheidsdiploma's

diplomas.jpg